RK De Goede Herder parochie
Emmen en Erica

Sint Frans

FranciscusAlleen
St Franciscus.

Er zijn vele boeken over Franciscus geschreven.
In de levensbeschrijvingen komt deze heilige naar voren als natuurgenieter, dierenvriend, evangelisch hervormer, sociale hervormer, politiek strijder en de eerste moderne missionaris.
De patroonheilige van onze parochie is tegenwoordig ook de patroonheilige van het milieu.
De geschiedenis van de Franciscusparochie.
De katholieken van Emmerschans gingen tot 12 maart 1948 "ter kerke” in Barger Oostenveld, ongeveer 5 km van Emmerschans.’
Uit een brief van Aartsbisschop dr J. De Jong, d.d. 13 juli 1936 aan ´den Zeereerw. Heer Pastoor te Barger Oosterveld´ als antwoord op diens schrijven van 9 juli 1936 blijkt, dat al in de dertiger jaren, ongetwijfeld op herhaaldelijk verzoeken van de katholieken woonachtig in Emmerschans, het initiatief is genomen om in Emmerschans een eigen parochie te stichten.
De medewerking van ´Utrecht´ was binnen, het Kerkbestuur van de parochie H. Gerardus Majella te Barger Oosterveld kon gaan uitzien naar een geschikt stuk grond voor de bouw van de kerk.
Het zou nog jaren duren, voordat verdere activiteiten konden worden ontplooid; de tweede wereldoorlog was zeer zeker de belangrijkste reden, dat eerst 1946 werd meegedeeld, dat voorbereidingen zouden worden getroffen tot de oprichting van een zelfstandige parochie te Emmerschans.
In augustus´ 46 werd Th.G.M. Jacobs, toen kapelaan te Heino, tot bouwpastoor werd benoemd.
In een niet-gedateerde brief van het Kerkbestuur van Barger Oosterveld aan Aartsbisschop J. De Jong verzoekt het Kerkbestuur de Aartsbisschop het oorspronkelijke bedrag van maximaal f 7.000,--, waarvoor hij het Kerkbestuur had gemachtigd t.b.v. de aankoop van een perceel bouwgrond te Emmerschans met f 1.000,-- te willen verhogen, omdat de aankoop van een perceel. voor een bedrag f 7.000,-- niet was gelukt.
Het kerkbestuur was nu echter ´in de gelegenheid een zeer mooi terrein, groot 4,71 HA met daarbij een middelgrote, bijna nieuwe boerderij te kopen, waarvoor de eigenaar f 8.000,00 vraagt.
De mogelijkheid is niet uitgesloten, dat hij nog iets van de prijs wil laten vallen, maar zekerheid hebben wij niet, want hij is erg vasthoudend ´.
Deze aankoop heeft blijkbaar niet plaatsgevonden, want per 29 mei 1947 verzocht het Kerkbestuur van de Parochie St. Gerardus Majella te Barger Oosterveld Zijne Eminentie Kardinaal dr J de Jong, Aartsbisschop van Utrecht,: ´Zijne goedkeuring te willen verlenen aan het verzoek van voornoemd Kerkbestuur tot het kopen van een perceel bouwterrein, gelegen aan de Boslaan te Emmen, (Emmerzand) , kadastraal bekend in de Gemeente Emmen; Sectie C No 7459, groot 0,30,10 H.A. Voor de somma ad drie duizend vijf honderd gulden. (3500 gulden).
Tevens deelt het Kerkbestuur Zijne Eminentie mede, dat een en ander geschiedt na overleg en met goedvinding van den Pastoor dezer parochie, B. Veltman.
Het ging echter nog zeker drie jaren duren, voordat een nieuwe parochiekerk zou zijn gebouwd.
Dat duurde de katholieken van Emmerschans toch te lang.
Onder leiding van de kersverse bouwpastoor broedde men plannen uit om zo snel mogelijk over een noodkerk te kunnen beschikken, zodat het ter kerke gaan naar Barger Oosterveld, dat ´één uur gaans was´, gauw tot het verleden zou behoren.
Met de welwillende medewerking van Harm Kocks, wonend aan de Schansstraat tegenover de eeuwenoude Emmer "Schans", kwam de oplossing in zicht.
Hij stelde namelijk heel spontaan tweederde van een grote schuur, gelegen waar nu de Rondweg de Schansstraat kruist, ter beschikking voor ombouw tot noodkerk, eenderde hield Kocks zelf in gebruik voor zijn machines en materialen.
Verder wist hij zich te behelpen met de ruimte bij zijn broer Gradus.
Begin van de bouw
Al snel bleek, dat bouwpastoor Jacobs -naast. zijn pastorale capaciteiten´"´ niet alleen een rijke fantasie had, maar ook beschikte over de nodige vaardigheden met potlood en papier: als een volleerd architect maakte een schets voor het interieur van een kerk.
Ook schuwde hij; het niet. om zelf hamer, zaag en ander gereedschap te hanteren om samen met. zijn parochianen het interieur van de kerk te realiseren.
Aangezien de schuur een bestaand gebouw was, had men niets te maken met allerlei overheidsvoorschriften.
De mogelijkheid was aanwezig om het interieur van de schuur om te bouwen tot een eigen Godshuis.
Twee timmermansleerlingen en een groot aantal puur- amateuristische, maar zeer enthousiaste parochianen gingen onder het kritisch oog van hun pastoor, die architect, aannemer, voormalig opzichter was, aan de slag. Het materiaal, dat voor deze interne verbouwing werd gebruikt, was karton (hardboard). Dat betekende: een altaar, communiebank en een biechtstoel van karton.
De vrouw van Harm Kocks zorgde regelmatig voor koffie, koek en een borrel; een grote groep vrouwen naaide en borduurde de paramenten.
Eerste "kartonlegging"
Halverwege de bouw werd officieel de eerste "Kartonlegging" verricht door pastoor Veltman; de collecte, die bij die gelegenheid werd gehouden bracht 2.300,--gulden op!!!
We spreken over 1947/1948!!! Ook toen droegen de Emmerschansers hun parochie in wording een warm hart toe.
Na plaatsing van de klokkenstoel met klok en een groot kruis op de nok van de schuur begin maart 1948 was de Noodkerk klaar.
Geen wonder, dat deze kerk al snel "De Kartonnenkerk" werd genoemd.
Men kon terecht spreken van een unieke kerk, niet alleen voor Nederland, maar ook ver daarbuiten, zeker binnen Europa.
Deze kartonnenkerk bood plaats aan 140 personen, de bouwkosten bedroegen f 2.000,–!!! De inzet van de parochianen was enorm. De toenmalige pastoor Jacobs schreef daarover; ´Ze gaven meer dan ze mochten en bovendien hun werkkracht in de avonden.´
!´De Tijd" van zaterdag 14 februari wijdde een artikel:aan de bouw van deze uitzonderlijke kerk. Zij schreef:
"Nog drie weken en Emmerschans, een klein Drents dorp op de grens van veen en Hondsrug, zal een nieuwe parochie, een nieuwe kerk in gebruik nemen. Een kerk. die zij zelf heeft gebouwd, waar geen aannemer of zelfs maar een timmerman aan te pas is gekomen en die als eerste kerk in Nederland geheel uit karton werd opgetrokken. Een kerk dus met kartonnen wanden en een kartonnen dak, met een kartonnen altaar, een kartonnen
biechtstoel en een kartonnen sacristie...”
......Een boer, juist wonend tegenover de eeuwenoude Emmerschans, op de grens van het sompige veen en de wijde Hondsrug, heeft pastoor TH. Jacobs zijn grote graanschuur ter beschikking gesteld. De pastoor heeft er eens rondgekeken, potlood en papier genomen en zijn mensen een ontwerp voor een kerk in die schuur voorgehouden....
.......juist op die laatste glooiing van de Hondsrug, waar het ruige, wijde heideland overgaat in het mysterie van het veen.
De scheper trekt u daar nog voorbij, breiend en gooiend met zandkluifjes naar zijn schapen. De hemel is wijd en bij dat majesteitelijke gezicht van het brede Drentse land voegt zich nog dat boeiende schouwspel van deze kerk in wording:
Een enorme graanschuur. De gebruikelijke rommel van karren, tuig en vee en dan ineens met twee stappen achter de kartonnen wand: de kerk. Helder winterlicht door drie, bijna Gotisch gebogen ramen. Een altaar met een kunstig gewelfde hemel.. "
Op 10 maart vond de eerste doopplechtigheid plaats: Johan Hoezen. Op 14 maart 1948 werd deze kerk door deken Veltman van Weiteveen ingezegend. In de Eucharistieviering werd hij geassisteerd door twee misdienaars, die hij had ´geleend´ van de Gerardus Majella-parochie. Een koor van drie man, de heren Alberts, Schoenmakers en Veldhuizen met begeleiding op een harmonium (voor f 600,-- gekocht van het seminarium te Roermond) luisterde de plechtigheid op met gezangen.
R.K. PAROCHIE SINT FRANCISCUS VAN ASSISIË TE EMMERSCHANS
Voor de Emmerschansers was het eigen parochieleven begonnen; zij zouden gedurende ruim vier jaren (12 maart 1948 tot. 4 november 1952) gebruik maken van deze unieke "Kartonnenkerk". Het was nu niet meer "vijf uur gaans ", zoals vroeger naar Barger Oosterveld.
Gedateerd 6 augustus 1948 volgde bij besluit van:
JOHANNES KARDINAAL DE JONG
de mededeling aan de gelovigen van de H. Gerardus Majella te Barger Oosterveld en de H. Willibrordus te Stads-ter Apeler-Kanaal, dat het voor het zielenheil van de gelovigen te Emmerschans wenselijk was daar een zelfstandige parochie op te richten, waarbij bet noodzakelijk was bepaalde gebieden van de hiervoor genoemde parochies af te scheiden en toe te voegen aan de nieuwe parochie.
Daartoe werden de volgende besluiten genomen:
* Te Emmerschans wordt een nieuwe kerkelijke parochie opgericht onder de bescherming van de H. Franciscus van Assisië.
* De grensscheiding zal zijn volgens een bijlage.
* De parochie van de H. Franciscus van Assisië zal behoren tot het dekenaat Klazienaveen.
* Zij zal zijn een parochie amovibilis (d.i. een parochie met een "ver plaatsbare pastoor"; pastoor Jacobs was dus niet vast verbonden aan deze nieuwe parochie)
* De aldaar gebouwde noodkerk wordt verheven tot parochiekerk.
Allen, die tot dan toe behoorden tot de genoemde parochies H. Willibrordus en H. Gerardus Majella en binnen de in de bijlage onder 2. genoemde gebieden woonden, behoorden m.i.v. 6 september 1948 tot de parochie van de H. Franciscus van Assisië.
Dit besluit werd op zondag 5 september 1.948 in alle parochiekerken van de hiervoor genoemde parochies en in de noodkerk voorgelezen en ging in werking op 6 september1948. Het bestaan van de parochie Sint Franciscus van Assisië te Emmerschans is nu Aartsbisschoppelijk bekrachtigd.
De onder punt 2 genoemde grensscheiding is als volgt:
Zuidgrens:
Door de Markeweg en vanaf het Scholtenskanaal (Oostelijk) tot aan perceel Emmen-Sectie C, No 2996 (Westelijk) aan beide zijden.
Vandaar door de as van de Markeweg tot aan de Hunenlaan.
Westgrens:
Ten Oosten van de as van de Hunenlaan (door de Emmerdennen tussen de vakken 1.1 en 1.8 tot aan de Sparrenlaan.
Vanaf dit punt langs de N.O.-zijde van perceel Emmen-Sectie C, No 6229 tot aan de Oude Roswinkelerweg.
Vervolgens in Z.W.-richting door de as van deze weg tot aan de N.O.~punt van perceel Emmen-Sectie C, No 3212.
Daarna langs de N.O.-punt naar perceel Emmen-Sectie C,No 4848 en langs de N.O.-grens van perceel Emmen-Sectie C No 4818 naar de spoorbaan. (perceel Emmen-Sectie C No 4814).
Vervolgens door de as van de spoorbaan tot aan de Dikbosdwarsweg;
Noordgrens:
Door de Dikbosdwarsweg, het Noordveenkanaal (beide zijden) en door de as van het Weerdingekanaal tot aan het Tweede Kruisdiep.
Oostgrens:
Door de as van het Tweede Kruisdiep tot aan het Verbindingskanaal en -dit
kanaal naar het Westen volgend- tot aan de Pottendijk.
Vervolgens in rechte lijn naar het Zuiden door de as van de Middenweg tot aan de Eerste Groenedijk en van daar in Oostelijke richting tot aan het Scholtenskanaal.
Van hieruit door de as van het Scholtenskanaal tot aan de Markeweg.
Waar in deze grensscheiding werd gesproken van “beide zijden", werd bedoeld, dat de woningen, grenzend aan genoemde straten of wegen geacht moesten worden te behoren tot de nieuwe parochie,
Op 30 november 1949 verzoekt het kerkbestuur op briefpapier van pastoor Th.G.M. Jacobs aan Kardinaal de Jong toestemming voor de aankoop van vier kerkbanken met zeven zitplaatsen en twee kerkbanken met vier zitplaatsen voor een totaal bedrag van f 612;--. ´Daar het kerkbestuur zelf niet over de benodigde som beschikt en deze banken in de definitieve kerk geplaatst kunnen worden, zou het kerkbestuur Uwe Eminentie zeer erkentelijk zijn, indien het Aartsbisdom deze banken zou willen schenken ´.

OP WEG NAAR DE ECHTE PAROCHIEKERK.
Inmiddels werd een grote actie op touw gezet om de gelden voor een nieuwe kerk bijeen te brengen.
Vele zondagen trok een dertigtal mannen naar de naburige parochies om foto´s van de noodkerk te verkopen.
Duizenden turfjes van 2x2x.1 vergezeld van een unieke folder werden verzonden naar evenzoveel adressen in het gehele land. Er werd een loterij gehouden met 1000 loten ad f .1,-- en 200 prijzen.
Inmiddels wordt het huidige perceel bouwgrond aan de Boslaan aangekocht, bouwplannen gemaakt, kosten begroot en een architect benaderd voor het maken van een bouwplan.
In 1951 was het dan eindelijk zover: men begon met de werkzaamheden voor de bouw van een nieuwe kerk op het kruispunt Boslaan/ Emmerhoutstraat/de Schanswal.(destijds Hoogweg). Het grondwerk en vele andere werkzaamheden werden verricht door de parochianen om de kosten zoveel mogelijk te drukken.
De parochie begon aan zijn tweede Parochiekerk.
Inmiddels was op 1 oktober 1949 de Mariaschool als dépendance van de Gerardusschool in Barger Oosterveld in gebruik genomen.
Op 2 januari 1952 werd deze school zelfstandig met een eigen bestuur. Pastoor Veltman, die zich voor de bouw van deze school bijzonder had ingezet, mocht de opening,niet meer beleven. Hij stierf zeer plotseling in juli 1949.
Op 20 april 1952 vond de eerste steenlegging plaats van de huidige parochiekerk door Mgr. Huurdeman, vicaris van het Aartsbisdom Utrecht. Met een takel werd een gele vierkante steen van 500 kg geplaatst links van het toekomstige priesterkoor en rechts ervan een 70 kg wegende steen namens de ouders van Pastoor Jacobs.
Op 23 September zou de consecratie plaatsvinden, maar doordat pastoor Jacobs in bet ziekenhuis te Arnhem was opgenomen, werd deze plechtigheid uitgesteld. Toen bleek, dat de ziekte lang zou gaan duren, besloot men de nieuwe kerk in gebruik te nemen.
Op 4 november 1952 werd ze ingezegend door deken Veltman van Weiteveen.
De plechtige consecratie werd uitgesteld, totdat pastoor Jacobs weer terug zou zijn. Zijn kerk consacreren zonder dat deze harde werker erbij aanwezig zou zijn, was niet mogelijk. Het heeft helaas niet zo mogen zijp.
"De mens wikt, God beschikt", dit spreekwoord werd ook hier werkelijkheid,
Rond Kerstmis 1952 was het zover en kwam pastoor Jacobs terug naar Emmerschans. Hij was echter niet meer de man, die men van vroeger had gekend.
Op 4 oktober 1954, de feestdag van de parochieheilige Sint Franciscus van Assisië, stierf hij geheel onverwacht.
Hij werd begraven op het R.K. Kerkhof te Barger Oosterveld. Een zeer bewogen periode in de parochiegeschiedenis werd afgesloten.
In 1955 werd de kerk geconsacreerd door Mgr. B.J. Alfrink, toen hulpbisschop van Utrecht.
DE NIEUWE PAROCHIE IS VOLTOOID
Op papier lijkt het zo eenvoudig om van een kleine dorpsgemeenschap als- Emmerschans een vrij grote parochie te maken onder meer door de toevoeging van de wijk Emmerhout en gebieden van de belendende parochies.
Het is echter ook begrijpelijk, dat de inwoners van Emrnerschans, nadat ze zoveel jaren zelfstandig in hun eigen kerk hadden vertoefd, het moeilijk hadden om samen te gaan met parochianen, ´die eigenlijk uit een ander hout gesneden waren´, zo staat geschreven in het herdenkingsboekje, dat werd uitgegeven bij gelegenheid van de ingebruikname van de huidige parochiezaal in 1980.
Voordat het zover was, is in de Franciscusparocbie nog heel wat gebeurd;
In 1954 werd pastoor R.EG. Kwanten benoemd tot pastoor van de parochie Sint Franciscus van Assisië te Emmerschans.
Hij was de eenvoud zelve en liet al snel blijken, dat hij niet in een gespreid bedje wilde terechtkomen, omdat er nog zoveel te wensen was en op stapel stond om te realiseren.
Hij verrichtte veel klusjes aan, in en om het kerkgebouw zelf met medewerking van zijn huishoudster Leen, die voor zwaar werk niet opzij ging.
Zijn verdiensten liggen niet alleen op pastoraal terrein, maar vooral ook in het oprichten en stimuleren van het katholieke verenigingsleven. Hij zorgde voor de oprichting van een eigen afdeling van het N.K.V., K.N.B.B, en A.T.B. verder kwamen tot stand: de KG, de katholieke jongeren- gemeenschap, een Gidsen- en Kaboutergroep en een meisjes-handbaclub.
Hij regisseerde soms toneel en toonde veel belangstelling voor bijeenkomsten, acties en feestjes van die vereniging
Hij voerde de Sacramentsprocessie in, simpelweg van kerk naar schoolplein vice versa.
Het maken van een badkamertje zoals besproken, zal met inbegrip van gasgeiser plm. f 1000, -- gulden kosten.
In 1958 vierde de parochie op grandioze wijze zijn zilveren priesterfeest. Dank zij de grote offerbereidheid van de gemeenschap werd een groots programma opgezet.:
Zaterdags:
Inhalen in een ´open auto´, voorafgegaan door nagenoeg de gehele parochie gemeenschap, verenigingen en het muziekkorps "Euterpe" in vol tenue.
Zondags:
Een plechtige Hoogmis in een prachtig versierde kerk, ´s middags een feestprogramma in de grote schuur van Bennie en Engeltje Scholten, waarbij de pastoor o.a. een doopvont werd aangeboden gemaakt door de kunstenaar Jacob Maris.
Toen het Kerkbestuur in 1960 een begin had gemaakt met de bouw van een nieuwe pastorie, kreeg pastoor Kwanten een benoeming te Ens, Noord-Oostpolder. Op het schoolplein vond in al!e eenvoud het afscheid tussen pastoor en parochianen plaats.
In 1960 kreeg de Sint Franciscusparochie zijn derde pastoor in de persoon van pastoor Hofland (44 jaar).
Bij zijn aantreden had hij een tweevoudige taak: het pastorale werk in de Sint Franciscusparochie en het treffen van voorbereidingen voor de bouw van een kerk in de wijk Angelslo.
Langzamerhand was in de "Franciscus” het een en ander veranderd. De nieuwbouw ten noorden van de Boslaan was nagenoeg voltooid en plannen voor de Ravelijn stonden opstapel. Het aantal katholieken was flink toegenomen. Inmiddels was de nieuwe pastorie in gebruik genomen. Ofschoon de bouw van de kerk in Angelslo veel zorg en aandacht vroeg van pastoor Hofland, bleef hij ook in de Franciscusparochie zijn taken energiek vervullen. Zijn goede gezondheid en gelijkmatige humeur stelden hem in staat de zware opgave tot een goed einde te brengen.
Eigenlijk kon men op het parochiële vlak geen extra bijzondere maatregelen verwachten, maar toch dienden deze zich aan in de vorm van vernieuwingen en veranderingen. Pastoor Hofland toonde zich een voorstander van de liturgische vernieuwingen, waarbij het een en ander binnen de parochie niet kritiekloos verliep.
Een klankvolle verandering was de vervanging van het harmonium door een splinternieuw elektronisch orgel.
In 1965 was de nieuwe kerk in Angelslo klaar en werd pastoor Hofland benoemd als pastoor van de H. Geestparochie.
Het afscheid van hem werd op een zondag gevierd in het Dorpshuis.
EEN TURBULENTE PERIODE
In augustus 1965 kreeg de Franciscusparochie zijn vierde pastoor: W.P .M. Beekman, o.f.m., 56 jaar oud.
Bij de aanvang van zijn pastoraat leek het er nog niet. op, maar al snel zou blijken, dat deze en de meest zorgelijke zou worden vanwege de stroomversnellingen, die zich op maatschappelijk en godsdienstig terrein voordeden. Dit. is de periode, waarin binnen vijf jaren meer gebeurde binnen de Katholieke Kerk, dan in de voorafgaande twintig jaren.
De ´hoogconjunctuur´ diende zich aan, maar deze had ook minder gunstige gevolgen: enthousiasme, gemeenschapszin, idealisme dalen (tijdelijk) tot een laag niveau.
Een en ander liet ook onze parochie niet onberoerd,bij velen ontstond een begrijpelijke verwarring:
Emmerhout werd in een zeer snel tempo opgebouwd; de financiële basis waarop de parochie tot nu toe rustte, moest drastisch worden herzien; het kerkbestuur draagt de Mariaschool over aan de Titus Brandsma-stichting; gespreksgroepen discussiëren; de parochieraad wordt in het leven geroepen.
Alles is in beweging!!!
Dde parochie stelt zich -zij het nog in milde vorm- kritisch op. Pastoor Beekman, aanvankelijk nog al behoudend, blijkt zich ook geleidelijk meer open te stellen voor nieuwe opvattingen over het parochieleven.
Groei
Het. aantal parochianen is begin 1968 al gestegen tot 700 en zal in 1973 uitgroeien tot 1800.
Begin mei 1973 moet pastoor Beekman op medisch advies zijn taak neerleggen.
Pastoor Schiller, per 1 mei 1973 benoemd tot pastoor in de parochie Emmen:rschans/Emmerhout, gaat voort op de door pastoor Beekman) ingeslagen weg: in vernieuwde en reeds vaste vorm aannemende weg;
kritisch, maar hopelijk ook méér bewust van de eigen verantwoordelijkheid t.a.v. de parochiegemeenschap, die we samen vormen.
Onder het motto: ´Verbeter de wereld -en dus de parochie- maar begin bij jezelf en met dankbaarheid voor alles, wat anderen in de voorbije 25 jaren hebben gepresteerd en opgebouwd gaat -onder leiding van pastoor Schiller met zijn parochiebestuur en parochieraad ook de Sint Franciscusparochie de toekomst tegemoet.
25-JARIG JUBILEUM R.K. PAROCHIE "SINT FRANCISCUS VAN ASSISIË "
Op 3 en 4 november 1973 wordt het 25-jarig jubileum van het bestaan van de parochie gevierd.
Tijdens de ´Kerkheerschappij´ van pastoor Schiller wordt aan de kerk heel wat verbouwd, vernieuwd en verbeterd.
De eerste vernieuwing betreft een grondige renovatie van het priesterkoor. Aan de linkerkant liggen de tegels los, communiebanken en preekstoel worden niet meer gebruikt, de kerkzangers willen liever in de abcis, dan op het oude, houten oksaal achter in de kerk.
Nu komen de Drenten weer in actie. Als de bouwtekening klaar ligt, worden de communiebanken weggehaald.
De helft zal later weer worden gebruikt als Sacramentsaltaar in de abcis, het oude sacramentsaltaar zal het oude houten hoofdaltaar vervangen. Ook de preekstoel verdwijnt. Over het gehele priesterkoor worden drie trappen gemetseld en bekleed met zwarte natuursteen. Dan wordt de oude altaarheuvel met pneumatische beitels verwijderd, waardoor de kerk in dikke stofwolken is gehuld. Maar voor het volgende weekend maken de vrouwen de kerk weer schoon, zodat de vieringen normaal kunnen doorgaan.
Na het altaarkarwei komen de tegels aan de beurt; de oude tegels worden weggehaald, op de kale vloeren worden buizen gelegd voor de aan- en afvoerlijnen van de nog te installeren geluidsapparatuur. Dan worden door de firma Wösten de tegels gelegd.
De verlichting wordt gecontroleerd en enkele parochianen zorgen voor nieuwe bekabeling en het aanbrengen van fittingen en lampen.
Weer anderen maken nieuw passend meubilair voor priesters, acolieten en koorleden. Materiaalkosten f 400,--, terwijl hiervoor f 800,-- beschikbaar was. Het batig saldo gaat naar de missie.
De een maakt uit een oude weidesleep twee altaarkandelaars en een kandelaar voor de paaskaars. Een ander maakt een nieuwe lezenaar en een bloemenstandaard. Een “handige handwerkster” zorgt voor een tweetal altaardwalen. Het resultaat mag gezien worden: een prachtig priesterkoor met alles er op en eraan, wat erbij hoort.
Ook wordt begonnen met het samenstellen en opleiden van een groep lectoren.
In april 1976 wordt de geluidsinstallatie geplaatst. Nu kan iedereen door de gehele kerk de sprekers op het priesterkoor goed verstaan.
GEDENKSTEEN "KARTONNENKERK"
Op vrijdag 27 juli 1977 werd bij de kruising van de Rondweg met de Schansstraat door burgemeester drs H.Á:Beusekamp van Emmen een gedenksteen onthuld.
De onthulling werd voorafgegaan door een feestelijke bijeenkomst in het gemeentehuis.
De steen staat bij, de plaats, waar van 1948 tot 1952 de eerste kerk van de toen nieuwe Sint Franciscusparochie stond. De heer en mevrouw Kocks, die destijds hun schuur ter beschikking hadden gesteld voor de bouw van de kartonnenkerk, waren bij de onthulling aanwezig.
In 1968 moest deze noodkerk wijken voor de aanleg van de nieuwe Rondweg. Toen al werd door de heer en mevrouw Kocks gevraagd of op die plaats een gedenksteen kon komen.
Vrijdag 27 juli, voor het begin van de feestelijkheden rond het 75-jarig bestaan van Emmerschans, werd deze wens vervuld.

DE PAROCHIEZAAL
In 1977 kwam men tot de conclusie, dat de kamer van de pastorie, die als, parochiezaaltje diende, te klein werd.
Na een aantal besprekingen in het parochiebestuur en de Parochieraad werd het eerste ontwerp voor een parochiezaal gemaakt en het ´balletje´ begon te rollen.
Dhr Alberts, die ook de tekeningen had verzorgd, was bereid de leiding op zich te nemen.
Nu nog de machtiging van het Bisdom. Deze liet nog geruime tijd op zich wachten.
De totale kosten waren begroot op f 240.000,-- en hiervoor was overleg met en advies door de F.A.C (Financiële Advies Commissie van het Bisdom vereist)
Zonder de Bisschoppelijke machtiging af te wachten werd in de eerste week van juni begonnen met de voorbereidende werkzaamheden. Aansluitend werd verder gegaan met de aanleg van de fundering; er waren hiervoor zoveel vrijwilligers, dat bij het storten van de vloer wel 20 man aanwezig waren. 9 juli was de vloer gestort, terwijl alleen op vrijdagavond en zaterdagochtend werd gewerkt! ! !
In verband met de bouwvakantie en in afwachting van de Bisschoppelijke Machtiging moest het werk minstens tot. 23 augustus worden stilgelegd.
Maar daartegen kwamen de vrijwilligers in actie: Wanneer met de voortzetting van het werk tot 1 september moest worden gewacht, kwam de bouw niet klaar voor de winter en men was niet van plan in de winterse kou te gaan werken. Uiterlijk half November moest het dak erop liggen.
Op 20 augustus werd een bespreking gehouden. Alle vrijwilligers waren op de pastorie aanwezig; het werd een pittige discussie!!! Een aantal vrijwilligers was nu al voor de derde maal op deze wijze actief voor de parochie: eerst de kartonnenkerk, vervolgens de huidige parochiekerk en nu de parochiezaal.
Er werden definitieve afspraken gemaakt -ook met de aannemer- over de verdeling van taken en werkzaamheden:
* Alles, wat door de vrijwilligers kon worden gedaan, werd in eigen beheer uitgevoerd; ieder nam een kleiner of groter deel van het werk voor zijn eigen verantwoording.
* De aannemers zouden de materialen leveren.
* De werktijden werden vastgesteld op en vrijdagavond en zaterdagochtend.
Zo werd begonnen; het werkte blijkbaar zó aanstekelijk, dat enkele onderaannemers besloten om elk een ploeg metselaars c,q. stucadoors dagelijks in te zetten.
Ook in de pastorie, waarvan een gedeelte moest worden her-ingericht, werd in die periode flink gebroken en getimmerd.
Op vrijdag 21 september 1979, na de zoveelste grote schooonmaak van de zaal werden de vitrages en overgordijnen opgehangen;dat gaf de zaal een fleuriger aanzien.
Het einde was. in zicht; met Kerstmis werd de zaal al gebruikt door de koorzangers, die tussen de nachtmissen van half tien en twaalf uur moesten “overblijven”.
Eind februari 1980 werd het meubilair geleverd.
Tijdens een feestavond op 21 maart 1980 werd in de Parochiezaal naast de kerkdeur een steen postzegels en munten ingemetseld als aandenken aan het bereiken van deze mijlpaal.
In 1983 werden de klachten over de lichtsterkte in de kerk steeds talrijker. Men. kon de teksten van de liturgie niet meer lezen; de lampen zaten hoog aan het plafond, waardoor zij een te zwak licht opleverden op leesniveau en bovendien diverse grillige schaduwen veroorzaakten, waardoor men zich soms in bochten moest wringen om toch nog wat licht te laten vallen op de te lezen teksten.
In oktober werd besloten om in eerste instantie zwaardere lampen in de armaturen aan te brengen. Toen dit onvoldoende effect gaf, werd besloten om tot een grondige vernieuwing van de verlichting over te gaan.
Het was inmiddels december 1985 toen de oude, kegelvormige armaturen uit de nok werden verwijderd en vervangen door grotere, cilindrische kappen met een grotere reflectie. Deze kappen werden ook lager gehangen, waardoor de lichtopbrengst op leesniveau voor iedereen aanzienlijk verbeterde. Ten behoeve van de koorzangers werd boven in de abcis een halogeen aangebracht.
Een andere verbetering, die in 1985 werd gerealiseerd was de toegang tot de kerk voor rolstoelgebruikers. Voor de linker zijdeur werd een oprit je gemetseld.
In 1998 werd in de steunbalken van het oksaal alsook in het hout van het oksaal! zelf houtworm aangetroffen. In de week van 6 t/m 12 april 1986 werd deze met behulp van chemische middelen en uiteraard weer met inzet van vrijwilligers de houtworm bestreden. Later werden de wandplaten van het houten oksaal vervangen door nieuwe, geïmpregneerde p!aten.
EEN ECHT KERKORGEL
Voor liefhebbers van kerkmuziek en in het bijzonder voor hen, die de zang in de kerk begeleiden, blijkt het horen en (be-)spelen van een echt kerkorgel een van de hoogste genoegens te zijn. Voor organisten is zo´n pijporgel het einde.
Onze parochie moest zich tot nu toe behelpen eerst met een harmonium en later met een elektronisch orgel. De penningmeester had geen geld ter beschikking voor zo´n echt orgel; hij had toch ai moeite met het aan elkaar knopen van de -financiële- eindjes. Toch kan de droom over het bezit van een pijporgel in vervulling gaan.
Medebroeders van pastoor Schiller gaven hem de tip eens in Oldenzaal op het Carmellyceum te gaan kijken; daar moest een orgel staan, dat niet meer werd gebruikt, omdat de kapel werd opgeheven. Op Sinterklaasdag 1983 toog een driemanschap: pastoor Schiller, dhr Velthuizen als dirigent van het koor, en pastoor Schiphorst, als deskundig organist, naar Oldenzaal om zich over het orgel verder te laten informeren en het te testen. Het driemanschap was vol lof over het kastorgeltje met vier registers.
Helaas was het niet te koop, maar gelukkig wel te geef!
De enige voorwaarden, die het bestuur van de Carmel stelde aan de ´gratis levering´, waren:
* met het orgeltje geen handel mocht worden bedreven;
* de Franciscusparochie moest zelf zorgen voor demontage, transport, schoonmaken, monteren: en afstemmen.
Dit klonk inderdaad als muziek in de oren. Het bleek een ouderwetse Sinterklaasdag te zijn.
Op dinsdag 17 januari´ 1984 werd een auto gehuurd en gingen drie parochianen en in hun gezelschap orgelbouwer de Bruijn het orgel ophalen. Het kostte nog drie dagen om het orgel weer op te bouwen en af te stemmen en in het weekend van 21 en 22 januari 1984 werd het in gebruik genomen. De totale kosten bedroegen ook nu weer dank zij de inzet van diverse vrijwilligers slechts j 2.500,--. In het weekend van 3 en 4 maart 1984 werd een extra collecte gehouden ter dekking van deze kosten.
In april 1988 moest pastoor Schiller door ziekte gedwongen zich terugtrekken uit het pastoorsambt. Na een verblijf van een aantal jaren te Dedemsvaart ging hij tenslotte naar Zenderen, waar hij zijn vrije tijd goed kon invullen met zijn hobby: het uitpluizen van zijn stamboom en een etymologische studie over plaatsnamen.
Op 29april 1993 overleed hij te Zenderen tengevolge van een ziekte, die hij lang voor zijn omgeving verborgen had weten te houden; hij had meer geleden, dan de mensen in zijn omgeving konden vermoeden.
VOORTBESTAAN VAN DE PAROCHIE SINT FRANCISCUS VAN ASSISIË
In 1974 werd pastor Becker benoemd tot 50 % parttime pastor in de Paulusparochie te Emmen en, tot 50% parttime bedrijvenaalmoezenier eveneens te Emmen.
In 1980 werd hij benoemd tot pastor van de H. Bernardsparochie in de Burgeres en tevens tot pastor van de parochie H. Gerardus Majella te Barger Oosterveld. In 1988 volgde ook nog zijn benoeming tot. pastor van de parochie Sint Franciscus van Assisië te Emmerschans.
In 1995 benoemde de Bisschop pastor Becker ook tot pastor van de Titus Brandsma-parochie, die op basls van de adviezen uit het KASKl-rapport was ontstaan door het samenvoegen van de parochies H. Bernardus, H. Geest en H. Paulus tot één parochie.
Pastor Becker is daarbij de eerst aanspreekbare pastor voor de parochies H. Gerardus Majella en Sint Franciscus van Assisië.
In 1984 heeft het KASKI-rapport heel wat te weeg gebracht. Realisering van de adviezen, die daarin werden gegeven, betekende ook het einde van de Franciscusparochie. Gelukkig hebben onze parochianen zich daar fel tegen gekant en werd in een zeer bewogen bijeenkomst, waarvoor alle parochianen waren uitgenodigd besloten onze parochie in stand te houden .
De H. Geest- en de Bemardusparochie was een ander lot beschoren zij vormen samen met de H. Paulusparochie nu de Titus Brandsma-:parochie.
In stand houden betekent tegelijkertijd ook onderhouden!!! dat is inmiddels genoegzaam bekend. De oorspronkelijke plannen om in samenwerking met de gemeente Emmen en de Wijkvereniging Emmerschans de herinrichting van het voorterrein tot plantsoen/parkeerkplaats ter hand te nemen leden schipbreuk in een bijeenkomst van de Parochieraad op 27 juni 1994, toen de voorrang werd gegeven aan de renovatie van het kerkdak, dat blijkens het tweejaariijks bouwkuIndig onderzoek door het Bisdom hoognodig aan verieuwing toe was. De kosten waren begroot op ruim f 250.000,--.
Dit besluit werd niet door iedereen in dank afgenomen; vooral de Wijkvereniging Emmerschans was teleurgesteld. De renovatie van het voorterrein van de kerk betekende immers ook een verbetering van de oostelijke entree van Emmeischans, De financiële situatie van de parochie bood echter niet de mogelijkheid om beide projecten tegelijkertijd aan te pakken.
Het parochiebesluit stelde onder goedkeuring door de parochievergadering als voorwaarde om tot renovatie van het dak over te gaan, dat de parochie gemeenschap een bedrag van f 100.000,-- diende bijeen te brengen. Uiteindelijk werd in oktober 1996 dit streefbedrag bereikt; de Bisschoppelijke Machtiging kon worden aangevraagd en; in 1997 zou het
dak worden vernieuwd.
Opnieuw een tegenvaller: In het gesprek met de Bouwkundig Inspecteur van het Bisdom volgend op de indiening van ge voorlopige aanvraag voor de machtiging bleek, dat de onderhoudstoestand van de kerk zelf zodanig was, dat beter een algehele renovatie van de kerk kon plaatsvinden. Dat betekende een aanzienlijk hoger bedrag, dat op tafel moest komen.
Een bouwcommissie werd ingesteld en op advies van de Bouwkundig Inspecteur werd hierbij ook betrokken architect Kouwen uit Tolbert.
Na een aantal tussenvoorstellen en gesprekken met de econoom van het Bisdom kwam de uiteindelijke begroting neer op f 425.000,--.
De Bisschoppelijke Machtiging werd verleend, toen bleek, dat op basis van de reserveringen voor groot onderhoud, het bedrag, bijeengebracht door de parochianen, een subsidie van de Stichting Katholieke Noden, een subsjdie van en een eventuele renteloze lening door het Bisdom de totale financiering verantwoord maakte.
Een aantal bedrijven werd gevraagd om op basis van het door de bouwcommissie en de architect opgestelde bestek een offerte in te dienen. Ook nu weer werd bij het opstellen van het bestek uitgegaan van de inbreng van vrijwilligers uit de parochie om ervoor te zorgen, dat het eindbedrag niet boven het begrote bedrag van f 425.000,-- zal uitkomen.
Eind oktober 1997 werd een keuze gemaakt en met de betreffende aan nemers afgesproken om in maart 1998 met de kerkrenovatie te beginnen en ervoor te zorgen, dat deze uiterlijk voor de bouwvakvakantie zal zijn voltooid.
Deze vertraging betekende wel, dat de toezegging, die het bestuur bij het bereiken van de ton in oktober 1996 had gedaan om te zorgen, dat voor aanvang van de winter ´97-98 de kerk een nieuw dak zou hebben, niet kon worden gerealiseerd
In de voorafgaande periode werden ook de gesprekken met de gemeente Emmen en de Wijkvereniging Emmerschans weer opgepakt.
De gemeente had gesteld, dat zonder tegenbericht van de parochie in 1997 zou worden begonnen met de herinrichting van het voorterrein zonder daarbij extra parkeerplaatsen voor de kerkgangers te realiseren. Dat was voor het parochiebestuur niet acceptabel. In de daaropvolgende onderhandelingen met afgevaardigden van de gemeente bleek, dat de gemeente eventueel wilde terugkomen op het oorspronkelijke plan, waarin ruim veertig parkeerplaatsen voor de parochie waren opgenomen, maar waarvoor de parochie wel een eenmalîge betaling van f 15,000,-- moest worden verricht en een jaarlijkse pacht diende te betalen van f 1000,--. Bovendien kwam het onderhoud van de verlichting en de riolering ook voor rekening van de parochie. De gemeente bleef eigenaar van het terrein.
Het parochiebestuur kon dit financieel niet verantwoorden en kwam met een tegenvoorstel: de verkoop van een strook grond ter breedte van vijf meter langs het voorterrein van de kerk, waarop de parochie in eigen beheer parkeerplaatsen kan aanbrengen. Hjermee ging de gemeente akkoord.
Ook de Wijkvereniging Emmerschans kon zich met dit plan verenigen. De parochievergadering ging eveneens akkoord met dit voorstel. Inmiddels is de opknapbeurt weer achter de rug.

HET KERKELIJK LEVEN
Hoe belangrijk het in stand houden van het kerkgebouw en de bijgebouwen ook is, zeker zo belangrijk is het kerkelijk leven zelf.
Een ieder weet, dat het aantal priesters en lekenpastores, ook en misschien wel vooral in het Noorden achteruit gaat. In de Goede Herderparochie werken op de vier locaties nog één priester, pastoor Buter en één pastoraal werkster, pastor Lange.
Deze teruggang van beschikbaarheid betekent, dat steeds meer taken zullen worden verricht door leken. Gelukkig beschikt onze parochie over een groot aantal vrijwilligers in diverse functies. In elke groep is nog wel behoefte aan aanvullende hulp om bij te dragen aan het parochiewerk in al zijn facetten.